Boem klets bats! Henk bezoekt alweer een ziekenhuis!

Henk is een piraat!Na een korte gefrustreerde uitroep van afschuw haal ik nu rustig adem. Mijn voorhoofd rust in het zand, net als mijn knieen. Met mijn linkerhand ondersteun ik mijn rechterarm. Voor me ligt Fatima’s Backpackers, achter me de helblauwe zee, haar geluid dat nooit stopt, de golven die nooit opgeven. Om me heen de jongens met wie ik een ogenblik eerder nog vrolijk rugby speelde. “Henk, are you okay, man..?“ Vragen de overwegend Zuid-Afrikanen me in verschillende variaties. “Met mij gaat het op dit moment helaas niet uitmuntend“, antwoord ik in een aantal woorden die lichtelijk van het voorgaand afgedrukte zouden kunnen verschillen; “Het lijkt erop dat ik mijn dekselse schouder uit de kom heb weten te manoevreren, welpotverdriedubbeltjes!“ Iedereen is plotseling heel bezorgd, behalve ik. Tenslotte is dit niet de eerste keer. Voorzichtig sta ik op en geef opdrachten aan een paar van de jongens om me heen: “jij haalt pijnstillers, jij zet een auto klaar en jij kijkt of er ergens een dokter is. Ondertussen blijf je maar mooi van me af, ik kan zelf prima lopen.“ Maar zo eenvoudig ging het dus eventjes niet.

Een paar minuten later zit ik, met mijn schouder nog steeds uit de kom waar die eigenlijk hoort, in de bus, afwisselend scheldend op de vreselijke weg of op de prestaties van de chauffeur; “Kalma senor Arnaldo, Kalma! Por fa-f!@#ing-for!“ Omdat elk heuveltje en gaatje -eigenschappen rijk aanwezig in het Mozambiqaanse wegennet, een sterretjes-voor-je-ogen-pijnscheut voortbrengt duurt de twintig kilomter lange rit ongeveer twee uren. Maar goed, dan ben je er ook, niet dan? Ik wankel enkelt doch uiterst stijlvol gekleed in mijn bijzonder goed zittende zwembroek het ziekenhuis binnen, dat net als de rest van Inhambane gebouwt is in de zo herkenbare warme Portugees koloniaal stijl. “Luister, doet u mij maar een pijnstillertje of twee, kunnen jullie ondertussen mijn gewrichten weer uit de knoop halen, hierzo, bij m’n schouder.“ Maar zo eenvoudig ging het dus eventjes niet.

A boat. A dhow to be precicely. Een uur later word ik nog steeds van wachtkamertje naar rontgenfoto apparaat gestuurd en sta ondertussen trillend –van de pijn, niet van de kou- in een halletje wanneer een van de jongens tegen wie ik rugby speelde met spoed wordt binnengereden met een hartaanval en de enige dokter wordt weggeroepen naar dit spoedgeval. Oke, best logisch, dat besf ik ook wel. Gelukkig komt de beste kerel er weer bovenop en twee uren later krijg ik dan eindelijk mijn gewenste verdoving. Natuurlijk niet voor de benodigde douche (Ik zat onder het zand, moest er af. Waarom, dat mag Joost weten. ) Ik knipper met mijn ogen en ben blijkbaar een kwartier buiten westen geweest, waarin een aantal doktoren mijn schouder hebben terug geplaatst en mijn arm provisorisch is ingetaped in Jute en ducktape. Aan hen verklaar ik mijn eeuwige dankbaarheid, waarna ze voorzichtig aan mijn baas en gids vragen of ik misschien homo ben. Zucht…

Terwijl we terug rijden, besef ik dat deze dag waarschijnlijk de meest pijnlijke van mijn leven is geweest. Wanneer ik een week later de Afrikaanse mitella verwijder voel ik me een beetje vreemd. Een dag later blijkt het dat ik malaria heb. Zoals we al eerder vertelden toen Minne’s bewegingen voor een paar dagen waren geannuleerd vanwege dezelfde aandoening, malaria is geen pretje.

Een week later…
whoopdidoo!Na een korte enthousiaste uitroep van kinderlijke blijdschap houd ik nu mijn adem in. Mijn voorhoofd ligt in het water, net als mijn knieen. Net als de rest van mijn lichaam. Een paar seconden weet ik niet wat voor, achter, boven of onder is. Waar ben ik? Onder water, dat weet ik, maar wat ik eigenlijk wil weten is het volgende; waar is mijn surfplank? Ik lig in de zee als een ouwe sok in een wasmachine en tast naar mijn enkel waar het koord naar mijn plank is bevestigd. Het touwtje verteld mij dat mijn plank ergens achter mij zweeft. Let wel, al het voorgaande speelt zich af in nog geen vijf seconden. Een moment later hoef ik niet meer te raden naar de locatie van mijn voertuig; een plotse sensatie vestigt zich in mijn zij. De backfin laat een behoorlijke snee achter net onder mijn ribben. Ik lach nog steeds; er is te veel adrealine of endorfine of wat dan ook om pijn te voelen. Niks meer dan een andere surfwond. Goed, nu weet ik in ieder geval waar boven is en een tel later steek ik mijn kop boven de oppervlakte. Achter me tilt de zee nog een lading zout water hoog boven mijn lichaam. Snel klim ik op het stuk hydrodynamische kunst dat mij moet bijstaan in mijn overwinning van de golf, peddel hard en voel hoe mijn bord de lucht in wordt getild en spring op mijn voeten. De snelheid is onwerkelijk, tunnelvisie mijn waarneming. Ik schiet vooruit en een paar momenten is er niks, behalve opwinding.

Naast het surfen werk ik voor Fatima’s backpackers om een beetje geld te verdienen. Juist, het vrijwilligen staat even op een laag pitje; het niveau van onze bankzaken ligt enorm laag, precies zoals dat van Dagobert Duck dat niet doet. Ik spendeer hier twee maanden; tourtjes verkopen, surfen en het internetcafe runnen. Ik vermaak me prima en laat het aan Minne en Mukkes om te vertellen hoe het er op het moment in Malawi aan toe gaat. Oke, een korte update; Noflik is bevallen van zes prachtige pups!

Fatima is een legendarische verschijning, die ik een keer mag ontmoeten, de surfers zijn enthousiast en besmettelijk. De twee broers die mij infecteren met het surf virus doen mij aan de ThreeLeftHands denken. Via via hebben ze een verlaten huis geregeld en met niks meer dan een mosquitonet en een gril wachten ze elke dag op de juiste golven. Voor hen is er niks anders. Het leven is simpel, zonder zorgen en zonder luxe. Onwaarschijnlijk voor de meeste mensen, maar voor ons avonturiers, reizigers en dromers, is dit leven. klinkt dat niet heerlijk poetisch en cliche? Dat is het ook. Ha!

Tags: , , , , ,

6 Responses to “Boem klets bats! Henk bezoekt alweer een ziekenhuis!”

  1. Hans Says:

    Wel lekker dat die medische hulp zo lekker ontwikkeld is aldaar. Netjes!
    Realiseer je je wel even dat je (zoals het nu staat) mijn enige bruiloft gaat missen? En laat mensen het maar lekker gay vinden, maar dat soort avonden (bier, feest und so weiter) mis ik wel. Zo!

  2. Frans van Dongen Says:

    Dag heren,

    Henk; kun je ook een paar foto’s van je werk(plek) maken en uploaden?
    Vind ik ook wel interessant.

    Ben benieuwd hoe het Martin, Minne en Noflik vergaat in Malawi.

    Halen jullie Zuid-Afrika nog voordat de finale van het WK daar begint? :-)
    Met jullie oranje bus zijn jullie natuurlijk de perfecte vertegenwoordigers van het Oranjelegioen.

    Succes!

    Met vriendelijke groeten,

    Frans

  3. Frans van Dongen Says:

    Dag heren,

    Sorry Marten! Ik bedoelde natuurlijk Marten.

    Wat is er met jullie homepage gebeurd? Die ziet er ineens wel erg sober uit.

    Groeten,

    Frans

  4. victor Says:

    Nou ik zou denken dat jullie nu al bij het voetbal zouden zijn. Maar het is bijna 2 jaar, komen jullie nog terug of is het lang leve de vakantie?

  5. janneke en alje Says:

    he, drielinkerhanden, laat eens wat van je horen!!!!!

  6. Hilda en Moh. Says:

    Hallo Marten, gefeliciteerd met je verjaardag. Dubbel feest: Nederland heeft gewonnen met voetballen. We hopen je gauw in levende lijve te ontmoeten op de bruiloft van je broer en schoonzus. xxxxxxx Moh. en Hilda

Leave a Reply